Ziekten en plagen

Helleborus is een plant die veel kan hebben. De standplaats is echter allesbepalend. Staat Helleborus op de juiste plek, dan groeit de plant goed en maken ziekten en plagen weinig kans. Het is tevens dankzij het intensieve veredelingswerk van de afgelopen jaren dat Helleborus Gold Collection® variëteiten niet snel worden aangetast. 

Eventueel kunnen de volgende ziekten en plagen bij Helleborus voorkomen:

Ziekten

Ziekten veroorzaakt door schimmels kunnen zeer onplezierig zijn. Zij kunnen er toe leiden dat een plant er niet goed meer uitziet, of zelfs helemaal afsterft. 

Als ondanks alles de Helleborus planten toch ziek worden, dan is bijna altijd de zwarte bladvlekkenziekte, Coniothyrium hellebori in het spel. Zoals de naam al aangeeft, verschijnen op aangetaste plantendelen zwarte vlekken, die zich vaak vanaf de bladrand over de plant verspreiden. Omdat alle plantendelen vatbaar zijn voor deze schimmel is het raadzaam om bij een eerste aantasting gelijk grondige maatregelen te nemen. Verwijder rigoureus alle aangetaste plantendelen en voer die af met het huisafval, zodat de schimmel zich niet verder in de tuin kan verspreiden. 

Let na het nemen van deze maatregelen extra goed op de planten die aangetast zijn geweest. De gezondheid van die planten valt indirect te verbeteren door de groeiomstandigheden te optimaliseren. Een aantasting ontstaat gemakkelijk bij een lage zuurgraad (pH) van de grond. Ook vergroot een te vochtige standplaats de kans op aantasting. 

De zwarte bladvlekkenziekte bij Helleborus mag niet worden verward met de zogenoemde "Black Death". Dat is een virusaantasting die op het blad grillige zwarte strepen veroorzaakt. Die strepen kunnen ook op de bloemen voorkomen. Aan virussen is niets te doen. De enige oplossing is om aangetaste planten volledig te verwijderen en af te voeren. Wel kan het raadzaam zijn om de eerste bladluizen die op Helleborus worden aangetroffen, gelijk te bestrijden. Het zijn de luizen (Macrosiphum ellebori) die virussen kunnen overbrengen.

In het voorjaar kunnen ogenschijnlijk gezonde bladstelen aangetast zijn door wortel- en stengelrot. Nieuwe scheuten knikken kennelijk zonder aanwijsbare oorzaak vlak boven de grond om en vertonen aan de onderkant bruinzwarte rotte plekken. Verschillende schimmels zoals Pythium, Phytophthora of Rhizoctonia kunnen hiervoor verantwoordelijk zijn. Bestrijding van die schimmels is lastig. Let er daarom op dat de planten in een goed gedraineerde grond worden geplant. Ophoping van water in de bodem bevordert namelijk de ontwikkeling van schimmels.

HGC® Joel℗

Helleborus x hybridus in april

Plagen:

Op jonge planten en fris jong blad kunnen bladluizen voorkomen. Heel zelden zijn mineermotten te zien. Voor de bestrijding van deze ongevraagde gasten en ook voor de aanpak van slakken die in natte zomers kunnen opduiken, biedt het tuincentrum of andere speciaalzaken hiervoor bestemde biologische middelen.

Voor de bestrijding van slakken komt ook debekende en beproefde bierval in aanmerking. Bladluizen kunnen worden bestreden met een eigengemaakt brandnetelaftreksel (De bio-tuin van Marie Luise Kreuter)  dat wordt over de planten gesproeid. 

In strenge winters kan het gebeuren dat muizen zich tegoed doen aan de knoppen. Hier kan de kat van de buren goede diensten bewijzen.

Blijft om onverklaarbare redenen de groei van de planten achter en brengt de beste verzorging geen verbetering, dan kan sprake zijn van een aantasting door wortelnematoden. Nematoden zijn kleine rondwormen die niet met het blote oog te zien zijn. Ze zuigen aan de wortels en verhinderen de aanvoer van water en voedingstoffen naar de plant. De bestrijding is uiterst lastig. Daarom is het beter planten met deze symptomen te rooien en met het huisvuil af te voeren, zodat de nematoden zich niet verder in de tuin kunnen verspreiden.

Verder kunnen in de herfst trips op de planten gaan zitten. Optreden hiertegen hoeft in de regel niet. Bij de eerste vorst zijn ze net zo snel verdwenen als ze zijn opgedoken. Ook is in de zomer vraat door rupsen aan het blad mogelijk. Doorgaans is dat pleksgewijs en hoeft daar niets aan te worden gedaan.